PIET BOOGERT – GENERAL MANAGER

Sinds de opening van Lloyd Hotel is Piet Boogert de General Manager. Met zijn waardevolle pijlers diversiteit, inclusiviteit en nieuwsgierigheid draagt hij bij aan de unieke cultuur van het hotel, dat zoveel meer is dan een hotel. Op 11 november viert het Lloyd Hotel haar 15 jaar bestaan met Piet al die tijd aan het roer. Ga mee met Piet en krijg een rondleiding door het gebouw om 11:00, 14:00 of 15:00 uur.

Vernieuwend
Lloyd Hotel was het begin van een nieuwe ontwikkeling in de hotellerie. In maart 2005 verscheen een artikel in Financial Times dat ons noemde in een publicatie ‘Good design can make all the difference’. Ik vind het heel spannend dat ik daar onderdeel van ben. Toen de kamers nog niet klaar waren ging ik met moodboards naar een conferentie over de hotelmarkt. Ik werd voor gek verklaard, omdat we het bad midden in de hotelkamer hadden gezet. Inmiddels is er bijna geen boutique hotel meer zonder een vrijstaand bad in een kamer.

Experiment
Het is een hotel waar mensen durven te experimenteren. En wie experimenteert loopt risico om onderuit te gaan. Zo krijgen we nog altijd reviews van gasten die het niks vinden. We reageren hier altijd op. Soms weten we mensen na een klacht alsnog fan te maken, dat vind ik het allerleukste. Dan zijn we erin geslaagd om ze mee te nemen in de ontdekkingsreis.

Divers
Toen Lloyd Hotel net startte was het al gauw populair. De pers was laaiend enthousiast. Maar het mocht geen hype worden. Het moest een toekomstgerichte plek zijn. De groep ondernemers waarmee we Lloyd Hotel opende was heel divers. Suzanne Oxenaar had cultuur hoog in het vaandel. Otto Nan was zakelijk heel sterk. Ik was de doorgewinterde hotelier. Allemaal brachten we een ander netwerk mee, net als de huidige medewerkers. Die mix zorgt soms voor spanning, maar maakt het tegelijk interessant. Het past goed bij mij, diversiteit en inclusiviteit vind ik heel belangrijk.

Cultuur
Het hotel is meer dan een hotel, menig reiziger treft hier een eigengereide cultuur. Kunstenaars zijn betrokken in exposities en de kamers zijn vormgegeven door verschillende ontwerpers. Ik vind dat elitaire cultuur en populaire cultuur naast elkaar moet kunnen bestaan zonder vooroordeel.

FOMO
We hebben 117 verschillende kamers en zijn het eerste hotel wereldwijd waar je kan kiezen uit een 1- tot – 5 sterrenkamer. Daarmee spelen we in op de Fear Of Missing Out. Je hebt hier telkens een andere beleving. We hebben lang niet van alle kamers foto’s. In eerste instantie was het idee om helemaal geen foto’s te delen, want wanneer je bij familie gaat logeren vraag je ook niet vooraf foto’s van de slaapkamer. In de praktijk was dat natuurlijk niet houdbaar.

Favoriet
Mijn favoriete kamer is door de jaren heen verschoven, alsof Lloyd Hotel je de mogelijkheid geeft om mee te groeien. De Chelsea kamer (112) is een van mijn meest dierbare kamers, Linda Troeller die daar 25 jaar woonde, deelde haar foto’s met ons. Als een tribute aan het Chelsea Hotel maakte wij deze kamer. De vleugel kamer (221) zie ik als een mooie meeting room, Joep van Lieshout maakte deze kamer iconisch.’

4* kamer 112: The Chelsea Room

Interactie
In de hotellerie zie je de ontwikkeling met de self-check-in kiosks. Ik hoop dat er menselijke interactie blijft, voor mij is dat essentieel. Ik doe altijd mijn best om onze gasten te leren kennen, de interactie maakt het interessant. De ‘open armen’ cultuur wordt gemaakt door de mensen die er werken, die vormen samen de identiteit van elk hotel.

Nieuwsgierig
Wat mij betreft gaat gastvrijheid gepaard gaat met een open houding ten aanzien van anderen, ongeacht kleding of het uiterlijk van de ander. Op de hotelschool leren veel studenten binnen een kader te denken, bij ons zien stagiaires dat gastvrijheid ook anders kan. Je kan niet gastvrij zijn zonder nieuwsgierig te zijn.

Vijftien jaar aan het roer van Lloyd Hotel levert memorabele momenten op. Zijn speerpunten diversiteit, nieuwsgierigheid en inclusiviteit zijn van kinds af aan bijgebracht. Piet groeide op in een boerengezin, waar mensen in nood altijd welkom waren. Zijn decaan wees hem op een opleiding in de hotellerie. Aan de Hoge Hotelschool Maastricht ontwikkelde hij zich tot gastheer pur sang. De school leerde hem uiteindelijk ook om dicht bij zichzelf te blijven. Wie hem doordeweeks treft ziet Piet steevast in pak, in het weekend draagt hij een spijkerbroek, ook als hij aan het werk is. Het pak en de stropdas vormen onderdeel van zijn identiteit, waarmee hij anderen triggert om hem niet te beoordelen op zijn voorkomen.